We lopen door het Dayak dorpje.
De varkentjes lopen overal tussen het vuil rond.
Vanaf dit dorpje lopen we de jungle in met eerst een stukje bos met rubberbomen en veel bamboe. Goed zichtbaar is dat de bewoners van het dorpje hier gebruik van maken en hier deels middelen van bestaan vinden.
Gaat de trekking eerst nog over paadjes waar de plaatselijke bevolking ook gebruik van maakt, uiteindelijk gaat het over in jungle waar onze gids, de plaatselijke ranger, met een machette een pad voor ons moet maken. We beklimmen steile hellingen die we natuurlijk ook weer af moeten dalen, lopen over gammele bruggetjes van bamboe of planken en overal is het glad van de modder. Voor één helling rolt de ranger een lang lint met knopen uit waarlangs we af kunnen dalen.
Ik ben blij dat ik geen camera heb meegenomen. Die had ik geen enkel moment uit mijn rugzak kunnen halen. Met mijn mobieltje kan ik af en toe een opname maken. Onze begeleider wijst ons op veel prachtige dingen in de natuur zoals bloeiende planten, verschillende bomen, insecten en dergelijke. Van enkelen kan ik een fotootje maken.
Onze ranger ziet alles om zich heen.
Overleg hoe we het beste kunnen lopen.
Een avontuurlijk bruggetje om bij de waterval te komen.