De hele dag kom je ze tegen.
Het dek waar wij overdag kunnen verblijven en 's nachts de bemanning slaapt.
Rond half vier zijn we eindelijk in Melak waar we aanleggen en nog een half uurtje moeten wachten op een taxi die ons vervolgens ook weer in een half uurtje naar de kliniek brengt. Nu zien we ook meer van het plaatsje als alleen de aanlegsteiger. Het is eigenlijk nog best een groot stadje, waarvan het centrum ruim opgezet is, vrij van vrachtverkeer, schoon en met veel groen. Een schril contrast met de buitenwijken. In het centrum zien we ook tientallen mensen in hesjes schoonmaakwerk doen of zich bezig houden met de aanplant.
We zijn blij met Burdan als tolk om de weg te vinden in de kliniek. Ans wordt opgevangen op de Eerste Hulp afdeling door een engels sprekende verpleegster, krijgt een bed, een kort onderzoek en wordt dan als eerste aan een infuus gelegd. Niet veel later komt een arts, krijgt ze een injectie, wordt er bloed afgenomen en is het even wachten op de uitslag. Uiteindelijk blijkt ze uitgedroogd te zijn en heeft ze geen bacteriële infectie. Ze moet zelf wel wat doen aan haar stoelgang, en dat is eten, maar geen bananen zoals wij geleerd hebben. Van de verpleegster krijgt ze even later een doosje met vier (vette) donuts. Je vraagt je toch af of dit wel de bedoeling is.
Ans in het ziekenhuis.
Op een gegeven moment heeft Ans een toilet nodig, lopen we door de gang van de kliniek met een infuus omhoog houdend naar het patiententoilet. Lachen!!, nou ja, niet echt, het toilet is een sta-toilet met een gat in de grond en doorspoelen gaat met een pannetje water er achteraan gooien.
Leuk is dat zelfs de engels sprekende verpleegster, vrijwel steeds een beroep doet op Google Translate. Uiteindelijk mogen we gaan, nadat we eerst drie soorten medicijnen halen en de rekening betalen. Omgerekend tussen de dertig en vijfendertig euro. Hoe kan het?
Terug bij de boot schrikken we wel van het bedrag dat we de chauffeur moeten betalen. Omgerekend was de rit naar de kliniek net zo duur als de kliniek zelf.
De boot blijft vannacht hier liggen omdat de excursie(s) morgen hiervandaan starten, dus geen motorgeluid als we naar bed gaan en geen dieselstank met het eten. Het eten laat Ans sowieso weer aan zich voorbij gaan. Na het eten willen we douchen, maar blijkt de douche niet te werken. We kunnen in plaats daarvan een slang gebruiken van de tegenoverliggende wand, wat helaas wel rivier water blijkt te zijn. We moeten het dus zonder sproeier doen en het idee dat we echt schoon zijn hebben we ook niet.
Ans gaat om acht uur naar bed maar ik blijf nog even met een mok koffie met Burdan zitten kletsen waarbij ik merk dat de bemanning zit te wachten tot ik ook naar bed ga. Als ik om half negen aanstalten maak en opsta om me klaar te maken kunnen ze ook niet wachten met het uitrollen van de slaapmatjes rond de tafel. Wat een verschil met de gezellige avonden op de boot in Tanjung Puting, hoewel het daar ook geen enkele keer laat is geworden.
Omdat we een stroomverbinding met de wal hebben, werkt de airco op ons slaapdek nu ook. Het wordt echter zo koud dat we besluiten de deur naar buiten gewoon open te laten staan. Even later hebben we een lekkere slaaptemperatuur. Nu maar hopen dat de muggen ons vannacht niet kunnen vinden.